Huisinstallaties

De electriciteitsinstallatie zoals we die in onze huizen tegenkomen is eenvoudig te begrijpen en aan te passen en electriciteit is niet eng.
De basis bij electriciteit is dat er spanning nodig is om iets gedaan te krijgen en dat er een stroomkring nodig is om ook daadwerkelijk stroom te kunnen laten lopen. Spanning maal stroom is vermogen. Op een stopkontakt, eigenlijk wandcontactdoos genoemd, staat spanning maar zolang er geen stroomkring is wordt er geen energie verbruikt. Na aansluiten van een apparaat gaat er ook nog stroom lopen en dan wordt er wel energie gebruikt en hebben we als het goed is ook profijt van die energie in de vorm van licht, geluid, warmte, etc.

De basis begrippen

De basisbegrippen worden erg vaak door elkaar en onjuist gebruikt. Daarom een korte uitleg.

  • Spanning staat ergens op en wordt uitgedrukt in Volt.
  • Stroom loopt ergens doorheen en wordt uitgedrukt in Ampere.
  • Vermogen is de gebruikte energie en wordt uitgedrukt in Watt.
  • Weerstand is de weerstand van een apparaat en wordt uitgedrukt in Ohm.

    Op het stopkontakt staat dus spanning. Het stopkontakt heeft twee aansluitingen; een aanvoer en een retourdraad. Deze worden fase en nul genoemd. Op de fase staat spanning en op de nul niet.
    In huis komt soms maar ��n fase binnen en soms drie. Meer hierover in de volgende paragraaf, krachtstroom.
    Verder hebben we ook een aarde welke een veiligheidsdoel dient. Er zijn geaarde en ongeaarde aansluitingen in huis afhankelijk van de toepassing.

    Krachtstroom

    Vanuit de centrale komen drie fases welke ieder een spanning hebben van 220 Volt ten opzichte van de nul. Tussen de fases onderling staat een spanning van 380 Volt. Dit komt door de fasedraaiing van 120 graden tussen de wisselspanningen maar dat gaat te ver voor dit verhaal en is hiervoor ook niet belangrijk.
    In sommige huizen komen alle fases binnen en in sommige maar ��n.
    Krachtstroom gebruikt alle drie de fases en soms ook de nul. Krachtstroom wordt gebruikt voor zware belastingen en krachtige motoren. Als een krachtstroom aansluiting gewenst is in huis dan is dus een voorwaarde dat alle drie de fases in huis afgewerkt zijn.
    Wat belangrijk is te weten als men met krachtstroom werkt is dat bij zware motoren de volgorde van de fases belangrijk is voor de draairichting van de motor. Dit kan op zich geen kwaad maar wanneer de motor de verkeerde kant op draait dan moeten er twee fases omgedraaid worden in de aansluiting.
    Voor krachtstroom aansluitingen worden vaak dikkere draden gebruikt ivm de zwaardere belasting.

    De formules

    Het is niet nodig om de formules te kennen of te kunnen gebruiken om aan de electriciteit te kunnen werken maar het verduidelijkt soms wel het een en ander. Daarom de twee basis formules.
      P=U*I  vermogen is spanning maal stroom
    
      U=I*R  spanning is stroom maal weerstand
    
    Deze formules kunnen ook anders geschreven worden afhankelijk van welke waarde men wil berekenen. Om de wiskunde weer even op te halen hier de alternatieve schrijfwijzen.
      U=P/I of I=P/U  spanning is vermogen gedeeld door de stroom of 
                      stroom is vermogen gedeeld door de spanning
      
      I=U/R of R=U/I  stroom is spanning gedeeld door de weerstand of
                      weerstand is spanning gedeeld door de stroom
    
    Bij de huisinstallaties kunnen we, behalve bij krachtstroom, uitgaan van een vaste waarde van 220 Volt. De rest is variabel.
    Enkele voorbeelden:
    We hebben een lamp van 100 Watt. Hoeveel stroom loopt hier doorheen?
      I=P/U, I=100/220, I=0.45 Ampere
    
    We hebben een groep van 16 Ampere. Hoeveel vermogen kan hierop?
      P=U*I, P=220*16, P=3520 Watt
    

    De kleuren

    Er zijn een paar standaard kleuren in gebruik bij de bedrading waardoor het werken met electriciteit best eenvoudig wordt.

  • Bruin: Fase. Hier staat dus altijd spanning op.
  • Blauw: Nul. Hier staat, als alles in orde is, nooit spanning op.
  • Zwart: Schakeldraad. Hier staat spanning op als een schakelaar gesloten is.
  • geel/groen: Aarde. Hier staat nooit spanning op.

    In oude huizen worden andere kleuren aangetroffen die nog verwarrend zijn ook.

  • Groen: Fase. Groen lijkt veilig maar in dit geval dus niet!!!
  • Rood: Nul. Rood lijkt gevaar maar nu dus ook weer niet.
  • Zwart: schakeldraad.
  • Grijs: Aarde.

    De installatie

    In ons huis komt een aansluiting van het energie bedrijf binnen. Deze wordt afgewerkt op een groepenkast met daarin een aantal groepen van, normaal gesproken, 16 Ampere. Daarvoor bevindt zich een hoofdzekering (of drie in het geval er drie fases binnen komen) die beheerd wordt door het energiebedrijf. De waarde van de hoofdzekering is de waarde van alle zekeringen in de groepenkast opgeteld plus een marge. Het is dus niet mogelijk zomaar groepen bij te maken omdat bij volle belasting hiervan de hoofdzekering kan springen en dat is meestal een duur geintje. Wanneer men wel meer groepen nodig heeft dan moet nagevraagd worden bij het energie bedrijf of de hoofdzekering verzwaard moet worden.
    De hoofdzekering is ook voorzien van een loden zegel zodat we deze ook niet zomaar open kunnen maken.
    Het is ook niet mogelijk om groepen zomaar te verzwaren. Los van het feit dat de totale waarde die van de hoofdzekering kan overstijgen passen de zekeringen helemaal niet. Althans niet zonder een rond steentje te vervangen (bij de traditionele zekeringen).
    De groepenkast kan bestaan uit een reeks zekeringen, officieel smeltveiligheden genoemd, of uit automaten. De automaten hoeven niet vervangen te worden als ze eruit klappen maar kunnen gewoon weer gereset worden. De zekeringen klappen eruit als er meer dan 16 Ampere gaat lopen door een stroomkring. Dit zal een gebruikersfout zijn of een defect apparaat (losgeschoten draad).
    Verder bevat de groepenkast bijna altijd ��n of meerdere aardlek schakelaars. Een aardlek schakelaar kijkt hoeveel stroom er via de fase weggaat en hoeveel er via de nul weer terugkomt. Zit daar een verschil tussen groter dan de waarde van de aardlekschakelaar (30mA of 0.5A) dan zal deze eruit klappen. Een verschil betekent immers dat er stroom weglekt naar aarde en dat is een potentieel gevaar. Sterker nog; wanneer de stroom weglekt via een persoon, die de verkeerde draad vastpakt of een defect apparaat, dan is het gevaar niet eens meer potentieel maar accuut en kan de aardlekschakelaar levens redden.

    Na de groepenkast komt de rest van het huis. Bij de aanleg is bekeken hoeveel groepen er gemaakt zullen worden en welk deel van het huis ze bedienen. Apparaten als electrische kookplaten en wasmachines krijgen ieder een eigen groep omdat ze het maximale vermogen van een groep vaak al bijna halen. Vroeger was het zo dat natte ruimtes altijd een aarde hadden en droge ruimtes via een aardlekschakelaar gevoed werden. Dit was gedaan omdat apparaten in natte ruimtes altijd al wel wat aardlek hadden en die dan te zwaar gemaakt moesten zijn om nog veiligheid voor de mens te kunnen bieden. Tegenwoordig worden nieuwe installaties opgeleverd met op elke groep de aardlek en vaak ook overal een aarde.
    Wat doet nu de aarde? De aarde wordt aangesloten op een apparaat en wordt vastgemaakt aan de behuizing. Wanneer er nu inwendig iets mis gaat en de fase tegen de behuizing komt dan zal de maximale stroom via de aarde wegstromen en de zekering eruit klappen. Zou dit niet gebeuren dan zouden we dat pas merken als we het apparaat aanraken en dan dus een schok krijgen.

    Het centraaldozensysteem

    Redelijk moderne huizen, en dan hebben we het over ongeveer 40 jaar, zijn aangelegd volgens het centraaldozensysteem. Dit systeem maakt het mogelijk zonder tekeningen toch min of meer te begrijpen hoe het opgebouwd is.
    Het betekent dat elke kamer in het midden, bij het lichtpunt, een centraaldoos heeft en al die centraaldozen, mits van dezelfde groep, zitten doorgekoppeld. Dit betekent dat de fase, de nul en de aarde vanaf de groepenkast langs een aantal van die dozen gaan als rode draad zeg maar. Alle aansluitingen in een kamer gaan naar die ene doos toe dus er is ��n centraal knooppunt. Hier kunnen we eenvoudig bekijken wat wat is door naar de kleuren te kijken. bruin en zwart gaan naar een schakelaar, blauw en zwart naar een lamp, bruin en blauw (plus geelgroen) naar een wandcontactdoos. Zien we meerdere zwarte draden in ��n buis gaan dan is er sprake van een dubbele schakelaar voor twee lampen dus of van een zogemaande hotel- of wisselschakeling. Wisselschakelingen worden gebruikt als er twee schakelaars zijn om dezelfde lamp aan en uit te kunnen schakelen zoals bij trappenhuizen en slaapkamers. Verderop komt nog ter sprake hoe deze schakeling werkt.
    Overigens mogen (zal nauwelijks lukken ook) er niet meer dan vijf draden in een standaard buis. Dit betekent drie draden van 2.5mm² en 2 van 1.5mm² of 4 van 2.5mm² en 1 van 1.5mm²

    Schakelingen



    Een enkelvoudige schakelaar: Bruine draad naar de schakelaar, zwarte draad van de schakelaar naar de lamp en de lamp heeft weer een blauwe draad voor de retour.

    Stopkontakt: Bruine draad voor de fase, blauwe voor de nul eb eventueel een aarde wanneer het een geaarde wandconactdoos betreft.



    Wisselschakeling: Bruine draad naar de loper (aangeduid met L of P) van schakelaar ��n, twee zwarte draden van de beide kontakten van de schakelaar naar de beide kontakten van de andere schakelaar, de loper van schakelaar twee met een zwarte draad naar de lamp en de lamp weer een blauwe voor de retour.

    Een combinatie van een wandcontactdoos en een schakelaar zal dus een combinatie van draden geven.

    tekeningen lezen

    De volgende symbolen worden gebruikt op tekeningen van electrische huisinstallaties.







    Geef hieronder uw commentaar, mening of aanvullingen op deze pagina en lees de eventuele meldingen van andere lezers.

    datum: 2009-06-05 10:20:51     naam: Peter    
    Bedankt! Simpele uitleg voor iemand die niet technisch is valt dit gemakkelijk te begrijpen :)

    grt.

    datum: 2010-07-15 20:00:14     naam: hans     email: h.verbeek-ed-casema.nl
    volgens mij zijn er wat symbolen verkeerd zoals:dubbele enkelvoudige schak.en de wisselschakelaar. gr hans

    datum: 2011-05-09 11:33:26     naam: Hans     email: hans.a-ed-orange.nl
    Hallo,

    ik heb een vraagje, ik ben bij iemand aan het klussen die GEEN aardlekschakelaar heeft...
    De aardlekschakelaar heb ik hangen in een apart kasje, bij de meterkast, het zijn nog oude draaizekeringen met nog smeltpatronen.(niets mis mee)
    De fase, bruin, en de nul, blauw, zijn vanuit de hoofdschakelaar, op 2 railsen aangesloten. Nu wil ik deze op de aardlek zetten, dit gaat natuurlijk niet, omdat de kabels te kort zijn. Zelf mag ik de hoofdzekering, die verzegeld is niet open maken.. Wat kost dit om dit door iemand te laten doen, om de kabels te vervangen en die een zegeltang heeft, om de hoofdzekering te verzegelen?

    Met vriendelijke groet, Hans.

    datum: 2013-09-01 18:50:44     naam: Gert-Jan    
    Wisselschakelaar is hier getekend als een dubbelpolige schakelaar. Een schakelaar
    die dus ook de nul schakelt.
    Dubbele enkelvoudige schakelaar is getekend als een wisselschakelaar.
    Alleen de enkelvoudige schakelaar symbool is goed getekend onder de schakelaars

    datum: 2014-02-14 21:47:53     naam: wouter    
    symbolen aangepast, dank voor het melden.

    naam:
    email:
    spamcheck: 1999+1=...
    opmerking:
       











    Website door Wouter Barendsen, 2005-2016